Dag 76, 77, 78

18 juli 2016 - Mañeru, Spanje

Plaatsen: Roncesvalles, Larrasoaña, Cizor Menor, Mañeru
Afstanden: 31/25/29 km

Zaterdag 16 juli. 
Nou, Spanje is duidelijk een ander hoofdstuk. Het is een stuk drukker, je ziet overal wel een ander lopen. Voorzieningen langs de camino zijn er ook voldoende. Ik hoef me echt niet druk te maken over ontbijt of lunch, na een uurtje lopen is er wel weer een barretje waar je voor een Spaans prijsje koffie met wat erbij kunt kopen.
Aansluiting vinden is ook geen probleem. Ik heb al snel aansluiting met drie vrouwen van de Faeröereilanden. We lopen een poosje samen, zij gaan rusten, ik loop door en bij een volgende stop zien we elkaar weer. Daarna waarschijnlijk nooit meer, want zijn lopen kortere etappes.
Veel heb ik niet te vertellen over deze dag, ik heb niets opgeschreven in mijn dagboekje, want 's middags en 's avonds bij de albergue is het wel heel gezellig. Het begint er al mee dat iedereen die van de winkel aan de overkant van de weg komt, een glas wijn mee heeft. De wijn bevalt zo goed dat Marianne, een Deense, besluit om maar een fles te kopen. Bij het eten is er uiteraard ook wijn, waar we tot 's avonds mee toe kunnen. Om tien uur worden we door de herbergier naar bed gestuurd. 'We' is dan een internationaal gezelschap bestaande uit de Deense Per, Duitse Nikolas, Marianne, de twee Nederlandse meiden die ik gisteren ontmoet had en mijn persoontje.
Een leuk voorval wil ik wel kwijt. Op het pelgrimsbureau in Saint-Jean-Pied-de-Port hebben we o.a. een A4 met hoogteprofielen gekregen. Als ik aan de kant zit loopt een groepje Spanjaarden voorbij. Een vrouw draagt de hoogteprofielen aan de voorkant onder handbereik. Als ik later doorloop zie ik een groepje mensen bij elkaar stilstaan. Op de grond ligt de vrouw van de hoogteprofielen. Gat in haar hoofd, gestruikeld. Die ene steen stond nou niet niet op het hoogteprofiel. Ze kan gelukkig nog lachen.
Soms is de ondergrond ook best wel lastig. De afdaling naar Zubiri bestaat uit gekanteld afzettingsgesteente, zoals leisteen. Dikke ribbels lopen diagonaal over het pad. Best wel oppassen waar je gaat staan dus.
De grote groep stopt in Zubiri. Er zijn etappeplaatsen om de 20-25 km, met doorgaans een grote herberg (zeg > 60 plaatsen). Om de drukte een beetje te mijden loop ik iets verder door, mijn gebruikelijke 25-30 km. Om de 5-10 km is er wel een plek om te slapen, meestel wat kleiner. Vannacht slaap ik bijvoorbeeld op een zespersoonskamer. Dat kost dan nog maar € 11, inclusief stevige maaltijd met de eerdergenoemde wijn € 22.

Zondag 17 juli
Vanmorgen was er geen ontbijt, dus met lege maag weg en na een klein uurtje stoppen bij een bar voor een kop koffie met iets erbij. Per zit daar al en wie komt daar binnen als ik aan de koffie zit? Oude bekende Jean-Pierre. Vandaag is zijn laatste dag, morgen gaat hij met de bus van Pamplona naar St-Jean en daarna verder met de trein naar huis. Het zoveelste afscheid is nu dus echt definitief, ik heb hem niet meer teruggezien.
Pamplona is een mooie stad om door te lopen. Als ik tegen twaalf uur in de kathedraal zit bij te komen begint het orgel te spelen. Voor mij een reden om nog maar even te blijven zitten. Dan gaat de bel en begint de mis. Ik blijf tot halverwege de preek. Ik weet dan alleen nog maar dat het over Martha en Maria gaat. Schoenen weer aan en verder. Zo langzaamaan gaan er wat winkels open en ik scoor een tube Gehwol voor de voeten. Wel een beetje duur, € 15 voor een kleine tube, maar mijn Franse NOK is bijna op en ik red het nog steeds zonder blaren, of dat wel of niet van het smeren komt.
Inmiddels begint het al aardig heet te worden. (Als ik dit schijf, om 18:00 uur geeft de app op mijn telefoon 35 °C aan, voor de komende dagen wordt 38 °C voorspeld.) Ik moet nog zo'n 5 km dus ik loop Pamplona uit via de universiteit, waar ze stempels geven.
Cizor Minor is een klein dorpje net buiten Pamplona. Vanwege de warme heb ik van het dorpje alleen de weg naar de albergue gezien. De albergue is leuk, klein van opzet met een grasveld tussen de gebouwen. Slaapzaal met 11 plaatsen met minimaal een snurker. De oordoppen liggen als klaar. Geiten en bokken gescheiden.
Vanavond eten we met zeven personen en we spreken vier talen.

Maandag 18 juli
Morgen begint de Vierdaagse van Nijmegen. Ook in Nederland is het warm. Het Rode Kruis geeft adviezen hoe daar mee om te gaan. Die neem ik ook maar even mee. Ik loop met twee liter water en drink een halve liter voor vertrek.
Vandaag loop ik eerst omhoog naar de Alto de Perdón. Tussen de windmolens staat daar de silhouettengroep van pelgrims die iedereen wel kent, zeker na de film The Way. Na de afdaling is er een omweg van 4 km naar de romaanse kapel van Sante Maria de Eunata. Ik heb die zes jaar geleden gezien en wilde er beslist nog eens langs. Ineens loop ik alleen, er zijn weinig pelgrims die de moeite nemen.
De route uit Arles sluit hier ook aan, evenals fietsroute over de Somport-pas. Er zijn dan ook wel wat fietsers.
Daarna verder naar Puente la Reina. Hier is een brug uit de 11e eeuw, in het model dat je hier vaak ziet. Maar deze is wel bijzonder groot.
Ik zie het eerste ooijevaarsnest, op een oude fabrieksschoorsteen. Ik kan tegen de zon in twee ouders met jong onderscheiden.
In het laatste stuk naar Mañeru zit nog een behoorlijke klim, maar de rust die je daarvoor terugkrijgt t.o.v. Puente la Reina is het zeker waard. Ik zie weer een paar oude bekenden en we eten met acht personen het avondmaal dat door de eigenaar bereid is.

Maak je reisblog advertentievrij
Ontdek de voordelen van Reislogger Plus.
reislogger.nl/upgrade

Foto’s

5 Reacties

  1. Gerrit bosch:
    19 juli 2016
    Leuk jou verslagen ,ik lees niets meer over achillespees klachten, neem aan dat jij er geen last meer van heb.
  2. Klaas Jongsma:
    19 juli 2016
    Geert,
    Elke keer lees ik met grote interesse jouw mooie, beeldende reisverhalen.
    Je hebt talent, na O2 maken nu boeken schrijven?
    Waar schrijf je die mooi verhalen op, met een tablet of tik je alles op een telefoon?
    Goede reis verder, je bent er bjjna.
    Klaas
  3. Tinny en Kees:
    19 juli 2016
    Hoi Geert. Wij herinneren ons de kapel van Sante Maria de Eunata nog goed. Een heel bijzondere plek. Wij konden er toe niet in, in verband met wateroverlast! Zo te lezen kan jij nu wel wat water gebruiken. Wat een temperatuur zeg. Buon camino en vaya con Dios
  4. Elisabeth:
    19 juli 2016
    Ha Geert,
    Tjonge wat een kilometers maak jij, maar je luistert goed naar je lijf! Een tip is nog om bij deze hitte je zouten aan te vullen, dat kun je eenvoudig doen met zoute pinda's, kopje bouillon maken met blokjes, goed drinken doe je al. Na Burgos komt de Meseta, prachtig, vond ik, maar warm, ik had 38 graden en dus geen schaduw ook. Hoe dan ook blijf genieten en ik blijf dan genieten van jouw verhalen! Ultreia et suseia
  5. Piet Bakker:
    20 juli 2016
    Dear Geert,

    Onze vakantie zit er weer op. Alaska is geen gemiddeld wandelland, do not feed the bears and moose, koffiedrinken of ontbijten tussen plaatsjes, 200 mile, is onmogelijk. File, wat is dat? Alles maar dan ook alles voor de inwendige mens wordt verscheept, dat spreekt mij aan, zoals je begrijpt. Ik, wij gaan je verhalen weer lezen, en af en toe een reactie.

    Ina en PIet.